In 2025 deed zich iets voor wat deze eeuw nog niet eerder was gebeurd: de wereldwijde productie van fossiele elektriciteit groeide niet. Zonne-energie alleen absorbeerde driekwart van de toegenomen elektriciteitsvraag.
Dat blijkt uit de nieuwste Global Electricity Review van energiedenktank Ember, die data verwerkte van 215 landen. De cijfers zijn duidelijk: zonne-energie steeg met 636 TWh, een groei van 30% op jaarbasis. Wind en zon samen namen 99% van de wereldwijde vraaggroei voor hun rekening. De fossiele opwekking kromp met 0,2%.
Het is de eerste keer deze eeuw dat zowel China als India tegelijkertijd een daling zagen in hun fossiele stroomproductie. In beide landen groeide hernieuwbare opwekking sneller dan de totale vraag.
Europa loopt voor, maar staat voor een ander probleem
Binnen de EU tekent de verschuiving zich nog sterker af. In 2025 oversteeg de gecombineerde opwekking van wind en zon voor het eerst de totale fossiele productie, goed voor 30% van de EU-stroomproductie. Ter vergelijking: in 2010 was dat 5%.
Zonne-energie leverde in de EU 13,1% van de stroomproductie, een sterke stijging tegenover 5,3% in 2020. De EU ligt daarmee voor op het wereldgemiddelde van 8,7%, en ook voor op de VS (8,6%) en China (11,1%). Gedurende de piekmaanden dekte zonne-energie in grote systemen zoals Nederland al twee derde van de vraag op een gemiddelde dag.
Steenkool daalde naar een historisch dieptepunt van 9,2% van de EU-stroomproductie, in 2022 was dat nog 16%. Negentien EU-landen genereren nog minder dan 5% stroom uit steenkool.
De keerzijde: aardgas steeg in 2025 met 8% om de lagere waterkrachtproductie te compenseren (een droog jaar, met grote dalingen in de Alpenregio’s, ook in Frankrijk). De EU-gasimportfactuur voor de elektriciteitssector bedroeg daardoor 32 miljard euro, 16% meer dan het jaar daarvoor. De EU-gasafhankelijkheid blijft een geopolitiek risico, ook al verdwijnt die afhankelijkheid van Russisch gas tegen 2027.
De BESS-businesscase kantelde in 2025
Het rapport van Ember bevestigt wat vanuit onze ervaringen al zichtbaar was: de kosten van batterijopslag zijn in 2025 opnieuw scherp gedaald, met 45% ten opzichte van 2024. De wereldwijde uitrol van batterijcapaciteit steeg tegelijkertijd met 46% naar een schatting van 250 GWh. Ember concludeert dat zonne-energie gecombineerd met batterijopslag vandaag goedkoper te bouwen is dan een nieuwe gascentrale.
In de EU werd in 2025 zo’n 15 GWh aan utility-scale batterijcapaciteit bijgeplaatst. Dat is genoeg om 9% van de nieuwe zonne-energieproductie te verschuiven van dag naar andere uren. Het rapport stelt dat de EU een recordpijplijn heeft die de batterijcapaciteit zou kunnen verviervoudigen.
Wat dit betekent voor bedrijven?
Wie vandaag een zonne-energieinstallatie heeft en die niet actief stuurt, laat rendement liggen. Niet als gevolg van een slechte installatie, maar als gevolg van een energiesysteem dat fundamenteel anders functioneert dan vijf jaar geleden.
Het rapport spreekt van “een opmars van negatieve prijzen in heel Europa”. Ze zijn een symptoom van een systeem dat meer zonne-energie produceert dan het op bepaalde momenten kan opnemen. Een BESS lost dat op. Een EMS maakt de BESS efficiënter en meer rendabel. En een partner die het volledige systeem beheert, zorgt ervoor dat de installatie vandaag én morgen presteert.
Zonne-energie heeft fossiele groei gestopt. De volgende stap is zorgen dat wat er geproduceerd wordt, ook effectief benut wordt.
Bron: Ember, Global Electricity Review 2026 (gepubliceerd april 2026)